De vier posities in vijf minuten
Voordat we ook maar één euro premie ontvangen, zetten we het speelveld strak neer. Deze les is deels herhaling, en dat is bewust: de rest van de cursus bouwt op drie inzichten die je paraat moet hebben, waarvan er één je kijk op 'premie verdienen' voorgoed verandert.
Vier posities, één tabel
Elke optiestrategie, hoe indrukwekkend de naam ook klinkt, is opgebouwd uit maar vier bouwstenen: een call kopen, een call schrijven, een put kopen en een put schrijven. De koper betaalt premie en krijgt daarvoor een recht; de schrijver ontvangt die premie en neemt daarvoor een plicht op zich. Dat is de hele matrix.
Concreet, met een optiecontract op 100 aandelen: wie een call met uitoefenprijs EUR 45 koopt, mag tot de afloopdatum 100 aandelen kopen voor EUR 45 per stuk. Wie diezelfde call schrijft, móét die aandelen leveren voor EUR 45 zodra de koper zijn recht gebruikt. Bij puts is het gespiegeld: de koper mag verkopen tegen de uitoefenprijs, de schrijver moet dan afnemen.
Voelt dit als gesneden koek, mooi: dan ben je hier op de juiste plek. Moet je bij begrippen als uitoefenprijs, looptijd of assignment nog echt nadenken, doe jezelf dan een plezier en volg eerst Opties Begrijpen. Deze cursus gaat ervan uit dat de woordenschat zit, zodat we alle aandacht kunnen richten op het verstandig gebruiken ervan.
- Call kopen: recht om te kopen tegen de uitoefenprijs; je betaalt premie
- Call schrijven: plicht om te leveren tegen de uitoefenprijs; je ontvangt premie
- Put kopen: recht om te verkopen tegen de uitoefenprijs; je betaalt premie
- Put schrijven: plicht om af te nemen tegen de uitoefenprijs; je ontvangt premie
Premie is nooit gratis geld
Op YouTube en beleggersfora wordt optiepremie graag gepresenteerd als 'extra inkomen' of zelfs 'passief inkomen' op je portefeuille. Wij gebruiken die woorden in deze cursus nadrukkelijk niet, want ze verhullen wat er echt gebeurt. Premie is een betaling die je ontvangt voor iets wat je weggeeft of op je neemt: bij het schrijven van een call verkoop je je opwaarts potentieel boven de uitoefenprijs, bij het schrijven van een put neem je het neerwaarts risico van een ander over.
De optiemarkt is bovendien geen liefdadigheidsinstelling. Tegenover jouw ontvangen premie staat een koper die er goed over heeft nagedacht, en marktmakers die de prijzen scherp houden. Ziet een premie er opvallend vet uit, dan is dat vrijwel altijd omdat de markt veel beweging in het aandeel verwacht: de vergoeding is hoog omdat het risico hoog is, niet omdat er gratis geld op straat ligt.
Daarom geldt in deze cursus één vaste afspraak: bij elk voorbeeld waarin je premie ontvangt, rekenen we óók uit wat het je kost of wat je opgeeft. Niet om je te ontmoedigen, deze strategieën kunnen prima passen bij een kalme belegger, maar omdat je een ruil alleen kunt beoordelen als je beide kanten ervan kent.
Gedekt of niets: de grens van deze cursus
Alles wat je hier leert is gedekt (covered). Een geschreven call is gedekt zodra je de 100 onderliggende aandelen bezit: word je aangewezen, dan lever je gewoon aandelen die je al had. Een geschreven put is gedekt (cash-secured) zodra je het volledige aankoopbedrag in kas hebt: word je aangewezen, dan koop je aandelen met geld dat er al voor klaarstond.
Ongedekt (naked) schrijven is een fundamenteel ander spel. Wie een call schrijft zonder de aandelen te bezitten, heeft een theoretisch onbeperkt verlies boven zich hangen: het aandeel kan immers zonder plafond stijgen en jij moet leveren tegen de uitoefenprijs, wat de marktprijs ook is. Brokers eisen er niet voor niets forse marginverplichtingen voor. Ongedekt schrijven hoort thuis in de expertcursus over volatiliteit en spreads, mét de bijbehorende risicohoofdstukken. In deze cursus komt het uitsluitend voor als waarschuwingsbord.
Die grens is geen betutteling maar gereedschapskeuze. Een gedekte positie kan tegenvallen, dat gaan we eerlijk doorrekenen, maar het maximale verlies is altijd vooraf bekend en gekoppeld aan aandelen of cash die je toch al had. Dat past bij het doel van deze cursus: je bestaande portefeuille verstandiger inzetten, niet er een hefboom onder schuiven.
De kernwaarheid: covered call en cash-secured put zijn spiegelbeelden
Nu het inzicht waar deze cursus op rust. Een covered call (aandelen bezitten plus een call schrijven) en een cash-secured put (cash reserveren plus een put schrijven) met dezelfde uitoefenprijs en looptijd zijn economisch vrijwel identiek. Niet 'een beetje vergelijkbaar'. Bij elke eindkoers komt er, afgezien van dividend en rente op je kas, nagenoeg hetzelfde bedrag uit.
Dat klinkt onwaarschijnlijk, want de één voelt als 'premie vangen op mijn aandelen' en de ander als 'betaald worden om te wachten op een koopje'. Maar reken het na (het voorbeeld hieronder doet dat) en je ziet: beide posities winnen beperkt als het aandeel stijgt, en dragen vrijwel het volledige verlies als het aandeel daalt. De verpakking verschilt, de inhoud niet.
Waarom dit ertoe doet: zodra je dit spiegelbeeld ziet, kun je elke mooie verkooppitch voor de één toetsen aan je gevoel bij de ander. Wie huivert bij 'het volle neerwaartse risico van een aandeel dragen voor een beperkte premie' maar enthousiast wordt van 'betaald worden om te wachten', beoordeelt twee keer dezelfde positie: alleen de woorden verschillen. In module 2 gebruiken we dit inzicht voortdurend.
Het aandeel Zeewind NV noteert EUR 42. Route A (covered call): je bezit 100 aandelen en schrijft een call met uitoefenprijs EUR 40 voor EUR 2,80 premie. Route B (cash-secured put): je reserveert EUR 4.000 en schrijft een put met uitoefenprijs EUR 40 voor EUR 0,80 premie. Eindigt Zeewind op de afloopdatum boven EUR 40, dan levert route A je aandelen op tegen EUR 40 plus EUR 2,80 premie = EUR 42,80 per aandeel, een resultaat van EUR 0,80 boven de startkoers; route B houdt simpelweg de EUR 0,80 premie. Eindigt Zeewind op EUR 36, dan staat route A op 100 x (EUR 36 - EUR 42) + EUR 280 = EUR -320 verlies; route B moet afnemen op EUR 40, dus 100 x (EUR 36 - EUR 40) + EUR 80 = EUR -320. Zelfde uitkomst, bij elke eindkoers.